22feb

PLAYRIGHT VERDEELT MEER DAN € 350.000 AAN NABURIGE RECHTEN UIT HET BUITENLAND

De eerste verdeling die PlayRight in 2017 doet betreft de verdeling van de internationale rechten voor die artiesten die ons opdracht gaven ook in het buitenland hun rechten te innen. De uitbetaling gebeurt binnen de 5 werkdagen.

Wanneer een artiest zich bij PlayRight aansluit kan hij ons in zijn contract een wereldwijd mandaat geven. Dan zal PlayRight Internationaal in alle landen waar het een overeenkomst heeft afgesloten de rechten van de artiest beheren en innen. (Meer informatie over de verschillende mandaten via onze website )

Door middel van een wereldwijd mandaat kan PlayRight voor de artiesten hun rechten innen bij de zustermaatschappijen in andere landen indien de opnames waaraan ze bijdroegen daar werden verspreid. De verdeling van de buitenlandse rechten gebeurt op basis van de verdelingsregels van de buitenlandse beheersvennootschap in kwestie. PlayRight is dus niet betrokken in de berekening van de rechten zelf maar kijkt wel de datakwaliteit na en zorgt daarna voor de doorstorting van het reeds berekende bedrag. Een verdeling van internationale rechten betreft verschillende referentiejaren en zowel rechten voor muziek- als voor audiovisuele opnames.

Deze verdeling van internationale rechten bevat volgende territoria en referentiejaren:

Om de meerkost te dekken die de uitwisseling van rechten met zich meebrengt zal ook PlayRight, net zoals andere buitenlandse beheersvennootschappen, 5% operationele kosten doorrekenen bij de doorstorting van internationale rechten die ze ontving na 1 december 2016.

Leden die nog vragen hebben kunnen contact opnemen met hun accountmanager of een mail sturen naar .  Check ook eens de lijst met vaak gestelde vragen hieronder.

De volgende verdeling vindt plaats in mei en betreft een afsluitende verdeling voor muziek, referentiejaar 2013. De verdelingskalender en deadlines kunnen hier geconsulteerd worden.

14feb

Word vennoot van PlayRight!

PlayRight werd opgericht door en voor artiesten en verdedigt de belangen van bijna 13.000 acteurs, dansers, muzikanten, variété- en circusartiesten. Met andere woorden, haar werking, haar algemeen reglement en de projecten waarvoor deze collectieve beheersvennootschap zich inzet, zijn het resultaat van de betrokkenheid van de vennoten en van zij die zetelen in de Raad van Bestuur.

Wil u ook een actieve rol spelen in uw beheersvennootschap, word dan vennoot van PlayRight.

 

VENNOOT WORDEN

Bent u reeds aangesloten bij PlayRight dan kan u vennoot worden wanneer u kan aantonen een bijdrage te hebben geleverd aan minstens drie opnames die naburige rechten genereren. U kan uw aanvraag indienen via de PlayRight portal. Log in, klik in de linker kolom op “gegevens” en daarna rechtsboven op de tab “vennoot”. Vul het formulier in. Zodra uw aanvraag is goedgekeurd, zullen we  u vragen om eenmalig een PlayRight-aandeel ter waarde van 49,57 euro te volstorten. Alle informatie over “vennoot worden” is ook beschikbaar op onze website.

Wil u aanwezig zijn op de volgende Algemene Vergadering van PlayRight op 19 juni 2017 dan moet uw aanvraag tot vennoot in orde zijn voor 18 maart 2017.  Wanneer de procedure (goedkeuring en aandeel volstort) te laat wordt afgerond dan zal u niet kunnen deelnemen dit jaar.

WEL OF NIET VENNOOT WORDEN?

Hilde Heijnen, actrice en Valérie Schreer, zangeres, spraken met ons over hun ervaringen als vennoot van PlayRight: lees het interview hier.

8feb

PlayRight aangesteld voor de aanvullende vergoeding voor muzikanten!

Het heeft even geduurd, maar op 27 januari publiceerde Minister Kris Peeters zijn beslissing om PlayRight aan te stellen als de beheersvennootschap verantwoordelijk voor het beheer van de jaarlijkse aanvullende vergoeding voor sessiemuzikanten.

De jaarlijkse aanvullende vergoeding? Wat is dat?

In 2011 besliste Europa om de beschermingstermijn voor muziekopnames te verlengen van 50 naar 70 jaar. Een platenmaatschappij geniet zo van 20 jaar extra bescherming en als muzikant met een artiestencontract, geniet je 20 jaar langer van een royalty op de inkomsten. Maar dat is niet zo voor de sessiemuzikant die zijn rechten heeft overgedragen aan de platenmaatschappij voor een éénmalige forfaitaire vergoeding. Daar waar die vergoeding aanvankelijk 50 jaar exploitatie dekte, geldt ze nu voor een periode van 70 jaar.

70 voor de prijs van 50? Dat is een stevige korting… Omdat de Europese Commissie wilde dat de verlenging van de termijn in het voordeel van alle muzikanten zou werken, verplichtte ze de platenmaatschappijen om na het verstrijken van de termijn van 50 jaar hun inkomsten alsnog te delen met die muzikanten aan wie ze geen royalty-vergoeding betalen. Dit door jaarlijks 20% van de inkomsten uit die opnames over te maken aan een voor deze sessie-muzikanten representatieve collectieve beheersvennootschap.

Met het KB werd PlayRight aangesteld voor het innen en verdelen van deze jaarlijkse aanvullende vergoeding in België.

De aanvullende vergoeding geldt voor alle opnames vanaf 1963. Heb je als sessiemuzikant meegespeeld op een opname uit de periode 1963-1967, controleer dan zeker of die opnames in ons repertoire zitten. Als ze nog verkocht, gedownload of gestreamd worden, dan heb je voortaan namelijk recht op een deel van de inkomsten die daarmee worden gegenereerd.

Heb je vragen, mail dan naar  .

 

2feb

Vennoot zijn van PlayRight, wat wil dat zeggen?

Wanneer een artiest aansluit bij PlayRight heeft hij of zij de keuze om vennoot te worden. Maar wat wil dat zeggen “vennoot van PlayRight zijn”? Om hier dieper op in te gaan, vroegen we het aan twee van onze vennoten: Valérie Schreer, actief in de muzieksector, en Hilde Heijnen, actrice.

 

Hoe ben je in contact gekomen met PlayRight en waarom heb je je aangesloten en ben je vennoot geworden? 

Hilde: Jaren geleden was ik lid van Microcam. Dan is Microcam Uradex geworden, en nu, al een tijd Playright. Ik heb dus de verschillende fases, gepaard met de wisselende wetgevingen, meegemaakt.

Via de acteursgilde kreeg ik informatie over de grote achterstallen qua uitbetalingen van naburige rechten aan acteurs. Tot ikzelf een grote som ontving, rechten van een aantal jaar, van jaren geleden… Er werd duidelijk werk van gemaakt door Playright om de Uradex periode zo snel mogelijk te vergeten. Ook nodigde Playright ons regelmatig uit om samen te zitten en ons de nodige verstaanbare info te geven over “naburige rechten”. Er werden grote inspanningen gedaan om hun naam eer aan te doen. Ik raakte meer en meer geïnteresseerd in de materie, wilde het van dichtbij opvolgen en besloot daarom vennoot te worden.

Valérie: Ik kende PlayRight van toen het nog Uradex heette via mijn man (Christian Martin, lid van het college Muziek in de Raad van Bestuur). In het verleden deed ik backings voor Sttellla en heb ik me aangesloten op aanraden van mijn man, om mijn rechten te krijgen.

Wat betekent het voor jou om vennoot te zijn?

Hilde: Voor mij betekent vennoot zijn, dat ik de mogelijkheid heb om PlayRight van nabij te volgen, dat ik mee kan stemmen wie in het bestuur komt, en dat ik mijn ervaring kan delen bijvoorbeeld over hoe contracten worden opgesteld , en hoe we kunnen streven naar een eerlijke verdeling van de rechten .

Valérie: Het feit van vennoot te zijn, zorgt ervoor dat je naar de Algemene Vergadering kan gaan, wat ik dan ook doe. Je mag niet uit het oog verliezen dat PlayRight is opgericht door en voor artiesten, het gaat dus om “onze” beheersvennootschap. Dankzij dat statuut ben ik steeds op de hoogte van wat er gebeurt. Het is belangrijk om toegang te hebben tot bepaalde informatie. Dus ik denk dat het mijn rol is als vennoot om te luisteren naar wat PlayRight doet om de artiesten te vertegenwoordigen. Je verwacht als artiest dat PlayRight je rechten verdeelt maar je kan ook iets teruggeven.

Heb je bepaalde verwachtingen als vennoot? 

Hilde: Als vennoot heb ik dezelfde verwachting als actrice namelijk dat ons, makers en vertolkers, de nodige rechten toekomen.

Valérie: Nee niet echt, ik heb namelijk geen carrière gemaakt in de muziek. Maar ik volg de onderwerpen die bijvoorbeeld gelinkt kunnen zijn aan de naburige rechten en het digitale want dat is een actueel onderwerp waarin de verdediging van de naburige rechten noodzakelijk is. Vandaag de dag wordt alles als “gratis” beschouwd en de mensen zijn zich er niet van bewust  dat artiesten hun brood moeten verdienen willen ze muziek, film of andere kunst kunnen blijven maken. Het is dus nodig dat er organisaties zijn zoals PlayRight die hen vertegenwoordigen en verdedigen.

We bereiden een oproep voor naar onze leden om vennoot te worden: wat zou je hen zeggen, hoe zou je hen aanmoedigen om vennoot te worden?

Hilde: Je krijgt als vennoot een stem, en hoe meer stemmen van de acteurswereld gehoord worden, hoe beter.

Valérie: Het is een manier om mijn verantwoordelijkheid te nemen, volwassen te zijn. Ik vind het heel logisch om deel uit te maken van de vennootschap waarvan je verwacht dat ze je rechten verdedigt. Geen vennoot zijn is een beetje als klagen over de politiek maar niet gaan stemmen.

Wat is voor jou de essentie van het ontvangen van naburige rechten als uitvoerende kunstenaar?

Hilde: Dat zijn mijn rechten die ik ontvang. Die ik dubbel en dik heb verdiend. En die ik ook nodig heb, om als artieste te overleven.

Valérie : Het vat een beetje samen wat ik al eerder zei, ik vind dat we in een samenleving leven waarin veel mensen denken dat alles vanzelfsprekend en gratis is. Het minste wat je als artiest kan doen is ervoor zorgen dat je je rechten kan ontvangen. Een arts krijgt een honorarium, de poetsvrouw wordt betaald voor haar werk en de artiesten moeten ook hun rechten krijgen voor het gebruik van hun repertoire.

Wil je vennoot worden dan moet je aan een aantal voorwaarden voldoen. Vol doe je aan die voorwaarden dan kan je vennoot worden via je online dossier in de PlayRight portal, in het menu “gegevens” bij de tab “vennoot”.

1feb

Er komt geen eind aan het wachten van acteurs en muzikanten.

Een goede tien jaar geleden, nadat de Belgische overheid had beslist om de vergunning van het toenmalige Uradex als collectieve beheersvennootschap in te trekken, gaf niemand nog een cent voor de toekomst van het collectief beheer van de rechten van uitvoerende kunstenaars in België. Uit de as van Uradex herrees als een feniks echter PlayRight. Een nieuwe ploeg, gedreven door een professionele dynamiek, investeerde energie, middelen en knowhow in een innovatieve omgeving en zorgde op termijn voor een performant collectief beheer van de rechten van uitvoerende kunstenaars. Vandaag staat onze organisatie als een huis en geldt ze zowel in eigen land als daarbuiten als een referentie, een benchmark.  

Luc Gulinck, voorzitter van de Raad van Bestuur van PlayRight, ©Margaux Nieto

Een collectieve beheersorganisatie is bij uitstek voor de beroepsgroep van artiesten (zangers, muzikanten en acteurs) een verbindende kracht. Zij zijn volgens de wet ook verantwoordelijk voor de goede organisatie van het collectief beheer van hun rechten. Het débacle van Uradex was in meer dan één opzicht een aanmaning van de overheid om beter te doen, en artiesten hebben die handschoen ook opgenomen. Vandaag moeten we echter vaststellen dat de overheid van haar kant de engagementen die ze op wetgevend vlak is aangegaan jegens de artistieke gemeenschap in dit land, niet nakomt. Ze verwaardigt zich niet haar eigen wetten uit te voeren, met als gevolg dat vele miljoenen euro’s die aan rechthebbenden toekomen, niet kunnen geïnd worden. Dit getuigt van grove minachting voor alle artiesten in dit land, en voor de goede inspanningen die deze beroepsgroep zich heeft getroost om zich te organiseren zoals de wet het voorschrijft.

Kern van de zaak is dat de cruciale wijzigingen die onder de vorige federale regering werden aangebracht in de auteurswetgeving, en die met name de positie van uitvoerende kunstenaars hadden moeten verbeteren, al zo’n drie jaar dode letter blijven. De uitvoering die er door middel van koninklijke besluiten aan moet worden gegeven, wordt steevast zonder boe of bah uitgesteld. Het gaat met name over de openstelling van het regime van de billijke vergoeding (voor de publieke uitvoering van hun prestaties in films en televisieseries) voor acteurs, de uitbreiding van dat regime voor muzikanten naar muziek gespeeld op de werkvloer en – last but not least – de gunning aan uitvoerende kunstenaars aan het hen geëigende deel van de kabelrechten waarvoor de kabeldistributeurs in dit land jaarlijks tientallen miljoenen aanrekenen aan de consument, maar waarvan artiesten nog geen cent hebben gezien. Ook inzake de oprichting van het beloofde overlegorgaan voor de audiovisuele sector en de controle op de overeenkomsten die kabeldistributeurs met de diverse beheersorganisaties sluiten, werden nog geen stappen gezet.

Op al deze verworvenheden diende decennia te worden gewacht, tot de wetgever zich in 2014 verwaardigde om de rechtsonzekerheid die hij door zijn eigen onvolkomen wetgeving had veroorzaakt eindelijk, met het nieuwe Wetboek van economisch recht (en in het bijzonder het zogenaamde boek XI daarvan aangaande intellectuele eigendom), ophief. Nu het juiste wetgevende kader gerealiseerd is, weigert de overheid het echter in werking te stellen. Ook de Europese regelgeving legt ze vlotjes naast zich neer.

Van Europa gesproken: aan Berlaymont, Luxemburg en andere Brusselse aangelanden worden op dit eigenste moment debatten gevoerd over vitale hervormingen van het auteursrecht en naburige rechten. Het zou onze Belgische overheid sieren mocht ze daar eindelijk een bijdrage toe leveren met een heldere visie, proactief afgetoetst aan de standpunten van de stakeholders in de artistieke sector. Zo’n herijking van de Europese regelgeving is absoluut noodzakelijk, opdat artiesten – auteurs zowel als uitvoerders – het hoofd zouden kunnen bieden aan de geprivilegieerde positie van de grootmachten van het internet, die zelf geen waarde creëren maar teren op die gerealiseerd door anderen. In concreto eisen artiesten een eerlijke vergoeding voor de exploitatie van hun opnamen via digitale weg, voor downloads en streams dus. Daarover bestaan binnen onze nationale en internationale organisaties doordachte inzichten en haalbare voorstellen. Gegeven dat muzikanten en acteurs de conditio sine qua non vormen van alle creatie, wordt maar beter goed naar hen geluisterd door de Commissie, het Parlement en de Raad. En door de Belgische regering uiteraard, gegeven dat zij de cultuursector in dit land een inspanning waard zou achten.

De buitenwacht mag er dan wel een sport van maken om te foeteren op collectieve beheersvennootschappen, feit is dat zij worden gedragen door auteurs en uitvoerende kunstenaars – al was het alleen maar omdat die organisaties voor een groot stuk van hun inkomen zorgen. Net omdat het om het goede geld van vergoedingsplichtigen en rechthebbenden gaat, worden ze ook terecht aan zeer strenge wettelijke regels en dito controle onderworpen. Desondanks blijven sommige mythes hardnekkig, zoals deze als zouden beheersvennootschappen ontiegelijk veel geld inhouden (ja zelfs verdonkeremanen) als werkingskosten. De ontkrachting van dat soort uitspraken zou ons nu te ver voeren, laat  ik echter volstaan met te zeggen dat een eenvoudige berekening ons heeft geleerd dat indien met name de kabelrechten waar onze artiesten recht op hebben effectief zouden worden uitgekeerd, de werkingskosten van PlayRight in één klap met ongeveer een derde zouden verminderen.

Waar de voorganger van PlayRight indertijd immobilisme en traagheid werd aangewreven door de bevoegde minister van Economie, kunnen we nu de bal dus vlotjes terugkaatsen. In dit geval is het de gedupeerden echter jammer genoeg niet gegeven om de vergunning van de verantwoordelijken in te trekken.

Luc Gulinck,

Voorzitter van de Raad van Bestuur van PlayRight