17jul

Europees auteursrecht en internet

Luc Gulinck is voorzitter van PlayRight, de Belgische vennootschap voor het collectief beheer van naburige rechten van uitvoerende kunstenaars (acteurs en muzikanten)

In De Standaard van 7 juli ll. verscheen een stuk van Dominique Deckmyn over het debat rond de Europese regelgeving op het vlak van auteursrecht op het internet. Daarin stelt hij dat de artiesten zich niet hebben laten horen in de discussie. Internationale organisaties en belangengroeperingen van auteurs en uitvoerende kunstenaars als GESAC, AEPO-ARTIS en IAO vragen nochtans al lang aandacht voor deze urgente kwestie. Ze lieten in de aanloop naar de stemming in het Europese Parlement en daarna luid en duidelijk, in de media en elders, hun ongenoegen blijken over de vertekening van de inzet van het debat. Ook in Vlaanderen lieten GALM (Genootschap Artiesten Lichte Muziek), bij monde van zijn voorzitter Tom Kestens, naast onder meer Koen Wauters en Alex Callier zich horen in aanloop naar het debat.

Google en consoorten wisten die stemmen echter vakkundig te neutraliseren. Dankzij doorgedreven lobbywerk, maar ook dankzij slinkse verleiding van de goegemeente: door hier een paar honderdduizend euro te schenken aan een project van ontheemde kansarme mensen en daar een appje te ontwikkelen waarmee je medische data in bulk kunt analyseren, kopen ze zich al jaren pseudohumanitair krediet. Dat wordt aangesproken wanneer bepaalde initiatieven of ontwikkelingen hun zakenmodel bedreigen. Publieke opinie, beleidsmakers en academici worden op die manier ‘gekocht’ zonder dat ze er zelf erg in hebben.

Los daarvan valt op de evaluatie van de kwestie door Dominique Deckmyn niets af te dingen. Het ging bij de stemming in het Europees Parlement inderdaad helemaal niet om de redding van het internet en het afwentelen van censuur – dat was de ‘framing’ die internetactivisten en bepaalde politici er op hysterische wijze van hebben gemaakt. Het is het discours waar ook piratenpartijen aller landen zich van bedienen: de foute aanname als zou auteursrecht een instrument zijn dat de vrije meningsuiting inperkt. Hoe kan het verspreiden van een muziek- of een audiovisueel werk neerkomen op het vertolken van een mening? Als daaruit al een mening naar voren zou komen, dan toch die van de auteur, en niet die van de verspreider?

Concreet: wie met zijn smartphone opnames van zijn of haar jolige koter de wereld in wil sturen, mag dat vandaag ongehinderd doen. Niets in de teksten die werden weggestemd, had daar ook maar een zier aan veranderd. Mocht het ukje zijn gestuiter evenwel op de tonen van een streepje Prince verrichten, dan zouden volgens die ontwerpbepalingen YouTube en soortgenoten (dus niet de uploader van het filmpje) de rechthebbenden moeten betalen. Wat zou daar in ‘s hemelsnaam mis mee zijn, als je weet wat de geviseerde platformen dagelijks aan waarde gecreëerd door artiesten voor zichzelf binnenhalen? De weggestemde artikelen zouden het evenmin onmogelijk gemaakt hebben om je te uiten als volbloed communist en de gemeenschappelijke eigendom van productiemiddelen te propageren. Als je die boodschap op je Facebookpagin zou opleuken met het Beatles-nummer Revolution, tja, dan zou het winkeltje van Zuckerberg daar een fractie van een cent aan uitvoerders en auteurs voor moeten uitvorken. Et alors?

Anneleen Van Bossuyt (Europees Parlementslid van N-VA) argumenteerde dat de Europese plannen onlineplatformen zouden verplichten een duur systeem te installeren om alle geüploade content voortdurend te monitoren en te filteren. Dat zou een obstakel zijn voor inlandse kmo’s die de YouTubes of Googles van deze wereld willen uitdagen met eigen diensten. Laten we dat argument eens simpelweg omkeren: waarom die technologie niet annexeren? Maak er open source van zodat iedereen ze gratis kan gebruiken – als onteigening kan en mag voor auteurs en uitvoerende kunstenaars, waarom dan niet voor de moguls van het internet?

Dat gezegd zijnde: er is een ei van Columbus dat alle bezorgdheden rond censuur en vrije informatieverspreiding in deze materie kan ontmijnen. Een simpele oplossing, helder in haar eenvoud maar jammer genoeg amper in het debat of in de verslaggeving daarover aan bod gekomen. Ze kan als volgt worden samengevat: laat iedereen die gebruikmaakt van artistieke content – voor commercieel gewin dan wel louter belangeloos – daarvoor een vergoeding betalen in relatie tot gegenereerde inkomsten of behaalde voordelen. Grootgebruikers (en dus, ook hier, niet de consument of de uploader) betalen dan een percentage van hun omzet, ongeacht hun businessmodel, exploitatie- of distributiewijze, aan rechthebbenden. Geen filters of Content ID-systemen meer nodig; een verplichte licentie (zo heet dat in auteursrechtelijk jargon) zorgt vanzelf voor een werkzame manier van vergoeding van de creatieve krachten en de industrie die hen schraagt.

De geschetste premisse kun je toepassen op de all-you-can-eat-modellen van platformen als Spotify, Netflix, Deezer, Apple Music, maar ook op omroepen, kabeldistributeurs, digitale dienstenverstrekkers, diensten die opslag in de cloud leveren, enzovoort. Ze kan gelden voor het lineaire aanbod, voor on demand-diensten en voor in de toekomst te ontwikkelen, vandaag nog onbekende exploitatiewijzen. Technologieneutraliteit moet het kernwoord zijn: welke technische middelen er ook voor de exploitatie van de artistieke content worden ingezet, er gaat altijd een percentage van de omzet naar de geëigende collectieve beheersorganisaties van rechthebbenden, die de gelden verder onder hun leden verdelen.

Zo’n systeem zou door zijn bevattelijke eenvoud goed vallen bij gebruikers en vergoedingsplichtigen. Vandaag verdwalen ze in ondoorzichtige en als te complex ervaren regelgeving. Het zou consumenten daarnaast een soort van fair trade-garantie bieden: de zekerheid dat hun betalingen rechtstreeks ten goede komen aan diegenen voor wie ze zijn bedoeld. Op die manier zou de ontzaglijke waarde die onze artiesten creëren voor de maatschappij voor een billijk stuk naar henzelf terugvloeien, en niet langer in eerste instantie naar de economische krachten die er hun commercieel voordeel mee doen.

Luc Gulinck is voorzitter van PlayRight, de Belgische vennootschap voor het collectief beheer van naburige rechten van uitvoerende kunstenaars (acteurs en muzikanten)

9jul

Klaar voor je aangifte? Start, de PlayList 2017 staat online

PlayRight heeft de PlayList voor referentiejaar 2017 klaargezet in je onlineportal.

Om je rechten voor het Belgische grondgebied te berekenen voor wat muziekopnames betreft, gebruikt PlayRight twee parameters: de speellijsten van niet-afgesloten referentiejaren van de Belgische radio’s en de verkooplijsten van Ultratop. Het zijn die speellijsten die je voortaan via de PlayRight portal in je onlinedossier kan terugvinden, gerangschikt per referentiejaar (2015,2016 & 2017). Meer info over het PlayList-menu

Deadline voor je AANGIFTES:
31 december 2018

Tot  31/12/2018  kan je:

  • je audiovisueel werk aangeven voor de referentiejaren 2011 & 2012,
  • en je muziekopnames voor het referentiejaar 2015.

BELANGRIJK : Het maakt niet uit van wanneer je opname dateert (zo lang die niet meer dan 70 jaar oud is). Weet dat een prestatie rechten kan blijven genereren, tot lang na het eerste jaar van uitzending. Bovendien kunnen we, als je je repertoire aangeeft, ook rechten voor je gaan innen in het buitenland.

KLAAR VOOR DE START…

Je kan je bijdragen al in een paar klikken aangeven, op basis van de speellijsten die PlayRight als parameter hanteert voor het Belgisch grondgebied. Log daarvoor in op je onlineportal en klik op het menu PlayList. Hou er rekening mee dat dit instrument bedoeld is voor de aangifte van muziekopnames.

5jul

Geen hervorming auteursrecht in Europa

Vandaag drukte het Europees Parlement op de rem bij de geplande hervorming van het auteursrecht. Waarom en wat nu?

Het vergt één paragraaf theorie om te begrijpen wat er vandaag eigenlijk is gebeurd. Al een tijdje heeft Europa plannen om het auteursrecht te hervormen. Europa wil haar ééngemaakte markt kunnen digitaliseren en om dat mogelijk te maken, dienen de regels inzake auteursrechten en naburige rechten te worden aangepast. Ze moeten worden gemoderniseerd. Die hervorming begon in 2016 bij de Europese Commissie (de Europese Regering). Zij kwam op de proppen met een voorstel, dat vervolgens door het Europees Parlement werd bestudeerd en becommentarieerd. Dat gebeurt in Parlementaire Committees (werkgroepen), waarvan de belangrijkste de JURI-werkgroep is. Die JURI kwam begin deze maand naar buiten met een aangepast voorstel en vroeg vandaag aan het voltallig Parlement de toestemming om vanuit deze tekst verder te gaan praten met de Raad van Europa, met de verantwoordelijke Ministers van de verschillende Lidstaten. Ook hun toestemming is vereist vooraleer een nieuwe Europese regel effectief kan ingevoerd worden.

En het Parlement antwoordde vandaag met een neen. Dit voornamelijk omdat het voorstel een einde maakte aan het gratis gebruik van muziek en film door grote platformen als youtube en facebook. Een nobel doel waar niemand iets op tegen heeft, want het leeuwenaandeel van de uitvoerende kunstenaars worden niet of of onvoldoende betaald voor het onlinegebruik van hun werk. Maar, de uitwerking hield in dat alle platformen, groot en klein, verplicht zouden worden met een filtersysteem te werken. Omdat de platformen zelf verantwoordelijk werden voor de inhoud van hun gebruikers, moesten ze die voor publicatie checken en eventueel weren. Dit werd door meerdere lobbygroepen gebruikt om het einde van het vrij internet te verkondigen. En met succes.

Wil dit nu zeggen dat er niets zal veranderen? Wil dit nu zeggen dat je als muzikant of acteur nog minder beschermd gaat zijn tegen het online gebruik van je prestaties? Neen, het wil enkel zeggen dat het Europees Parlement meer tijd opeist om verder te werken aan een voorstel waar de meerderheid zich wél achter kan scharen. Want, die hervorming is nodig, daar is iedereen het over eens.

Er komt nu een periode aan waarin grote platformen zich zullen profileren als de beschermers van het vrije internet. Samen met onze partners binnen AEPO-ARTIS, volgt PlayRight de werkzaamheden van het Parlement verder op de voet op. Want, het voorstel gaat over véél meer dan een youtube-tax. Het gaat ook (en voornamelijk) over de bescherming die auteurs en uitvoerende kunstenaars verdienen wanneer hun werken en prestaties gebruikt en verhandeld worden binnen de ééngemaakte digitale Europese markt.

Wordt vervolgd.

4jul

De eerste PlayRight+ Prijzen 2018 zijn uitgereikt !

Het academiejaar 2017-2018 is officiëel afgelopen en de eerste proclamaties zijn dan ook achter de rug. Daar waar muzikanten en acteurs werden geproclameerd, ging dat natuurlijk gepaard met het uitreiken van de eerste PlayRight+ prijzen. In Hasselt en Gent gingen de eerste drie prijzen naar drie fantastische vrouwen.

PlayRight+ heeft bijzonder veel bewondering voor diegenen die er reeds van jongs af aan voor kiezen om van muziek of acteren hun toekomstig beroep te maken. Daarom biedt PlayRight+ aan alle hogescholen en universiteiten in België de mogelijkheid om aan pas afgestuurde muzikanten en acteurs een PlayRight+ Prijs ter waarde van 500 euro toe te kennen.

Stien Bovijn (foto: Geert Vanderslagmolen)

In Hasselt, bij PXL-Music, viel de keuze dit jaar op Stien Bovijn. Met “I will become someone I wanna be” maakte Stien een beklijvende Bachelorproef. Ze baseeerde zich op interviews met blinden en slechtzienden niet enkel om vanuit de ervaring van mensen met een visuele handicap muziek te schrijven, maar ze vertrok ook bij het brengen van de muziek vanuit hun leefwereld. Dit resulteerde in een concert in totale duisternis, een totaalervaring waarbij alle andere zintuigen werden gestimuleerd en zelfs gemanipuleerd.

Wil je Stien in de toekomst aan het werk zien, volg haar dan via www.stienbovijn.be of op facebook.

In Gent, aan de School of Arts, vielen Marie Van Den Bogaert en Loes Swaenepoel in de prijzen.

Marie Van Den Bogaert

Marie Van Den Bogaert studeerde af als muzikante en ontving de prijs voor haar uitstekend niveau als uitvoerend muzikante, hetgeen ze aantoonde met haar eindconcert, passend “closure” genoemd. Het was een lyrische cluster van songs, met knipogen naar de neo-soul, mythologie en symbolisme, die verraste en ontroerde.

Ontdek haar veelzijdigheid op haar soundcloud: https://soundcloud.com/vandenbogaertmusic.

Loes Swaenepoel

Ook Loes Swaenepoel kreeg in Gent een PlayRight+ Prijs. De eerst die door de School of Arts uitgereikt voor een alumni van de afstudeerrichting Drama. Loes is een topactrice! Als Loes speelt is de kloof tussen persoon en speler heel klein. Er is een grote directheid tussen haar en het publiek. Ze speelt juist, eerlijk en onpretentieus, zonder zichtbare inspanning en zonder al te veel psychologische inleving. Ze heeft ook een grote fijnzinnigheid als speelster. Ze kan zeer goed bewegen en speelt vanuit het fysieke detail. Er lijkt een voortdurende instabiliteit ingebouwd te zijn waardoor er steeds iets op het spel staat, steeds iets staat te gebeuren dat een onverwachtse uitkomst heeft.

Ook in het professionele werkveld werd ze al opgemerkt en opgepikt, zowel in het theater als in film. Zo zie je haar binnenkort aan het werk in de film “De Collega’s 2.0.” als ‘iets met een K’.

In Gent en Hasselt zijn de PlayRight+ Prijzen 2018 reeds uitgereikt. In het najaar zal PlayRight+ zeker ook nog aanwezig op de proclamaties in Brussel, Mons en Luik.

Wordt vervolgd